En chaos en weerstand zijn vaak de baas
Verandering beter verbinden met concurrentievoordeel en resultaatverbetering!
Verandering is nodig! De enige constante is verandering! Dat zal best, maar we zijn niet erg ingespeeld op deze constante. Naar schatting driekwart van de projecten op gebieden als kwaliteit, klantgerichtheid, herontwerp, de ‘balanced score card’, de lerende organisatie en empowerment, stagneert en verzandt. Traagheid, chaos en weerstanden blijken constant aanwezig. Kan dit doelmatiger en resultaatgerichter? Is verandering beter en sneller te koppelen aan concurrentievoordeel?
- concurrentievoordeel in historisch perspectief
- succes factor: Sturen op verantwoordelijkheid
- vier hefbomen
Concurrentievoordeel in historisch perspectief
Het Spaanse leger werd in de 16e eeuw schier onoverwinnelijk geacht: Geharde krijgers die in tal van veroveringen hun discipline en gevechtskracht bewezen hadden. Prins Maurits (1567-1625) werd de bevelhebber van een “bandeloze soldateska”. Hoe kon hij partij geven? In de periode 1590-1600 voerde hij een aantal veranderingen door:
- De gangbare krijgersformatie in de 16e eeuw was de zogenaamde Spaanse Brigade: 50 man breed en even diep. Een carré helemaal opgevuld met manschappen. De meesten konden dus van hun piek niet eens gebruik maken. Hun functie bestond slechts in de morele en fysieke (door opdringen!) ruggesteun der eerste gelederen. Maurits wist door een ondiepe opstelling het rendement der beschikbare troepen zeer te vergroten. Deze verandering in slagorde vereiste belangrijke psychologische veranderingen. De vroegere steun der massa viel weg, kwetsbaarheid nam toe. Betere training en verscherpte disciplinering moesten leiden tot de benodigde grotere persoonlijke inzet en zelfvertrouwen.
- Het zelfvertrouwen werd o.a. versterkt door grondige opleiding. De basis van het gebruik van de musket werd een nauwkeurige ‘arbeidsanalyse’ van alle handgrepen. De aparte verrichtingen werden gerangschikt in reeksen van doelmatige handelingen. Hier werden speciale commando’s voor ontwikkeld. Eindeloze oefening leidde tot zelfstandige en snelle uitvoering.
- Voor alles werden korte, duidelijke en vooral gestandaardiseerde commando’s ingevoerd. Deze manier van commanderen vereiste stilte in de troep. Daarvoor was dit onbekend. Men moest niet alleen stil zijn, maar men moest zich ook leren opstellen op een vaste plaats in overzichtelijke gelederen en rotten. Daarvoor was het een bonte, krioelende bende.
Bij deze voorbeelden zien we een zich wederzijds versterkende wisselwerking van sterkere sturing en meer zelforganisatie. Deze wederzijdse versterking, consequent volgehouden over langere periodes van training, leidde tot een nog niet eerder bereikt niveau van slagkracht en beweeglijkheid. Dit overwicht culmineerde in de zege bij Nieuwpoort. De successen waren zo indrukwekkend dat bevelhebbers uit heel Europa in de 17e eeuw hier de kunst kwamen afkijken.
Succes factor: Sturen op verantwoordelijkheid
Bovenstaande voorbeelden laten iets zien van een ontwikkeling die voor en na Maurits gestaag doorzette; in legerorganisaties en ook in latere industriële organisaties. Elders beschrijf ik meer gedetailleerd, van Wedgwood via Taylor tot in onze tijd, hoe de sturing van organisaties steeds verder evolueert. Ook hoe dit hand in hand gaat met het versterken van de eigen verantwoordelijkheid van medewerkers en units. Organisaties die hier een slag verder in zijn, putten hieruit een stevig voordeel.
In onze tijd wordt zelforganisatie afgedwongen op terreinen als ondernemerschap en medeverantwoordelijkheid voor resultaten. Noodzaak is dat men ook meer en meer de verantwoordelijkheid oppakt voor continue verbetering, blijven leren en innovatie. De wijze van sturing verandert, maar het blijft sturen. De afgelopen eeuwen is de sturing alleen maar dwingender geworden. Paradoxaal genoeg is de eigen verantwoordelijkheid van medewerkers ook stelselmatig toegenomen. Je kan het ook zo formuleren: De eisen die aan de eigen verantwoordelijkheid gesteld worden blijken steeds zwaarder te worden.
Vier hefbomen
Hiermee zijn we op het spoor van een uiterst belangrijke succesfactor. Tegelijk merk ik dat er redelijk argeloos en soms zelfs ronduit onhandig met sturing in organisaties omgesprongen wordt. Sturing is nodig vanuit de lijnorganisatie komen, te beginnen bij de top. Om de sturing te versterken zijn er vier nauw verbonden en elkaar versterkende elementen van sturing.
- Focus: wees duidelijk over doelen en resultaten.
- Regie: structureer veranderingen volgens het motto ‘focus omlaag, acties omhoog’
- Managementstijl: blijf mensen aanspreken op hun verantwoordelijkheid en op hun behaalde successen.
- Organisatievisie: ontwikkel de eigen verantwoordelijkheid van medewerkers en units ook middels het organisatie ontwerp.
Dat sturing vanuit de top en vervolgens via de lijn belangrijk is wordt algemeen onderkend. In de managementliteratuur hebben we daar zelfs een aparte term voor bedacht ‘commitment’. Als er echt iets verandert dan is er ‘commitment’ van de top en alle leidinggevenden delen hierin.
Commitment: een holle kreet?
Het blijkt in de praktijk keer op keer lastig ‘commitment’ te realiseren. Drie voorbeelden:
- Directeur: “Onze organisatie wil klantgerichter functioneren? Kunt u een klantgerichtheidsproject opzetten en gaan leiden”.
- Manager van een werkmaatschappij: “Performance management is een topprioriteit voor de divisie maar wij deden al aan performance management. Trouwens, mijn baas vraagt me er verder nooit naar”.
- Directielid: “Ons E-commerce traject komt niet van de grond omdat ze erover blijven harrewarren”.
Wat speelt hier? Verwarring en onmacht! Goede bedoelingen zijn er genoeg maar er echt naar handelen is een ander verhaal. Men heeft al meer dan genoeg aan het hoofd en sturing blijft uit. Soms is er ook de onmacht van adviseurs om dit te signaleren en te veranderen. Maister (1995) stelt dat consultants klanten gaan helpen kracht te ontwikkelen. Maister ziet dat als het hoogste niveau van toegevoegde waarde van adviseurs. Bestuurders zijn vaak helemaal niet gebaat met fraaie analyses, nieuwe managementconcepten of indrukwekkende stappenplannen. Ze weten allang wat aan te pakken maar ze komen er niet uit. Het is als met iemand die wil afslanken of ophouden met roken. Het gaat dan niet om nieuwe plannen maar om te doen wat men al lang weet. Eigenlijk praten we dan over het mobiliseren van emoties: vastberadenheid, concentratie, toewijding. Anders geformuleerd: de wil en de voortdurende aandacht om de gewenste verandering te realiseren.
Ook meer systematisch wordt soms ‘commitment’ snel om zeep geholpen. Ik doel op de manier waarop we verandering aanpakken. Men gaat met projectgroepen, coördinatoren en opleidingsprogramma’s aan de gang. De lijnorganisatie laat het een beetje over zich komen. De regie komt los van de staande organisatie. En de overtuigende en vastberaden sturing vanuit de top (eigenlijk commitment) is niet erg zichtbaar. Commitment geldt voor iedereen!
Bron: Willem Mastenbroek (onderdeel uit een blog over verandering)
Call me for an appointment or personal information







